Jezus, het is bijna 22 januari en dan heb ik een maand niet geblogd. Nu is het bijhouden van dit weblog niet mijn raison d’être, maar ik kan niet ontkennen dat een licht knagend schuldgevoel zich van mij meester begint te maken.
Ik heb uiteraard niet een maand ondergedoken gezeten. Zo was er de laatste gemeenteraadsvergadering die 18 dagdelen ofzo duurde; er was kerst die zowel in Limburg als in Bussum gevierd werd; er waren twee hoofdstukken van mijn proefschrift die vóór 1 januari ingeleverd moesten worden (gelukt!); er was een vakantie in New York waar ik met M een auto huurde, in Central Park rondliep, mijn oude universiteit bezocht, oudejaarsavond in Brooklyn vierde en belachelijk veel films heb gekeken; er waren een paar initiatiefvoorstellen met D66 en VVD die wel ok waren; en nu is er een noot die geschreven moet worden over een uitspraak van het Europees Hof van de Rechten van de Mens - mijn eerste publicatie, hoezee!
Ondertussen kabbelt het gemeenteraadswerk een beetje voort. Ik heb nog wat initiatiefvoorstellen in de pijpleiding zitten, maar ik twijfel over het indienen: ze gaan niet echt over de grote dingen des levens. Een beetje cultuureducatie hier, een beetje sporten daar, iets leuks met ouderen en dieren: het zet niet echt zoden aan de dijk, het zet Amsterdam niet op z’n kop, het verandert de status quo niet. Wat is dan het nut van indienen? Zeker nu er op ambtenaren wordt bezuinigd moeten wij gemeenteraadsleden misschien ook eens leren diezelfde ambtenaren niet urenlang bezig te houden met nutteloze schriftelijke vragen of particuliere hobbies – of die nu van linker- of rechterzijde komen.
Ik zoek dus nog even door naar het antwoord op de grote vraag. Ik ga ‘m dit jaar heus wel vinden, maar tot die tijd wens ik u een goed uiteinde van de maand januari en een heel gezellige en gezonde februari.



